RENÉ VAN DER ZEE

48. muzikant. zeeheldenkwartier

“Je moet ook op de juiste momenten je vinger naar beneden houden.” 

 

"Dat kan ik wel!" bij die woorden lijkt René van der Zee te leven. De bonkige Fries, met een handshake als een pneumatisch betonschaar, verhuisde voor de liefde (en de band) naar Den Haag. Daar werkt hij nu als Hoofd Techniek bij het Paard, hij speelt gitaar bij de (legendarische) punkrock band Cooper, tourde de wereld rond met Junkie XL en is stage- en tourmanager voor festivals en bands. 

 

oktober 2018   •   Paard, Den Haag
Fotografie: Mark David   •  Tekst: Joeri Gordijn

TOEN

 

"Muziek komt van mijn vaders kant. Mijn vader zong altijd, in kerkkoren. Ik kom uit een gezin van acht en moest heel lang zeuren voor ik op gitaarles mocht. Ik ben de een-na-jongste, er zitten er zes boven mij, waarvan er minstens twee ook op gitaarles hebben gezeten. Mijn ouders dachten dus: “mijn reet”. Maar goed, na lang zeuren mocht ik dan op gitaarles bij een vader van een klasgenootje van mij." 


 "Alle tennisrackets waren gitaren. Er zijn filmpjes van mij als driejarig, dat ik een drumstel van sinterklaas kreeg. Ook in Lemmer nog, dat ik op een gegeven moment op zo’n ouwe wastrommel stond te rammen, vroeger zat waspoeder in een ronde doos met plastic deksel, en dat was natuurlijk een drumstel. Dat snap je."
 
"Fanatiek muziek luisteren is begonnen op mijn negende met KISS, nog steeds één van mijn favoriete bands. Dat popjaar, 1979, daar komen ook opvallend veel van mijn favoriete nummers uit voort. Making Plans For Nigel van XTC, één van mijn absolute nummers allertijden, The Police, 1979, My Sherona, 1979.  En als je begint met KISS dan kom je logischerwijs uit bij andere hardrock bands, dat waren Iron Maiden, Judas Priest, AC/DC en al die bands. "

"De eerste keer dat ik samen speelde was in een dorp dat Stiens heet. Dat was samen met een vriend, met hem ben ik bandjes begonnen. Uiteindelijk heeft dat geresulteerd in mijn band voor Cooper; Disgrace. In die periode gingen we langzaam, of eigenlijk best wel snel, van Trashmetal over naar Hardcore punk. Maar daarvoor heb ik wel een soort van pogingen tot metalbands gedaan. Eén van de eerste optreden waar ik heen ging was Metallica, in 1984. Met Twisted Sister in het voorprogramma, de eerste keer dat ze in Nederland waren. Vanaf toen was het: harde muziek! Het kan nog harder. Kan nog harder! Ja, kan nog harder! Kicken."

"De eerste keer sex vergeet je niet maar de eerste keer op het podium staan vergeet je ook niet. Dat was op het sinterklaasfeest van de Mavo van die vriend van mij waarmee ik een bandje speelde. Wat hebben we ook alweer gespeeld? Iets van U2, iets van de Belgische metalband Acid en volgens mij Metallica nog. Zoiets. Ik weet nog wel dat ik bloed verziekend nerveus was, en er is een foto van! Dat ik op de bank zit samen met die vriend in afwachting van dat optreden en dat je ook mij ziet…. oeh." 

"De eerste keer dat ik een beetje succes had was met Discrace. Dat was met diezelfde jongen. In het allereerste embryonale-stadium was dat een metalband, maar wel een trashmetal, gewoon Slayer-achtig. Daar zaten we inmiddels al ‘in’. En dat is uiteindelijk geëvolueerd naar die hardcore punk en ook in een genre daar weer binnen wat er in de richting van de jazz en de experimentele muziek ging. Dat heeft vijf jaar geduurd, van 87 tot 92." 

"Met die band hebben we toen een 7 inch uitgebracht. Met elf nummers, op 33 toeren. Klinkt helemaal nergens naar. Wij hebben gewoon gebeld naar de perser, hoeveel kan er op een single? “Nou wel vier minuten per kant.” En, als je het op 33 toeren doet? “Dan kan het wel wat meer, maar dan gaat het niet meer zo goed klinken….” Maakt niet uit! Elf nummers, op een 7 inch gekregen."

"Ik zat op de lerarenopleiding toen Disgrace uit elkaar ging. Dat gebeurde omdat die bassist gewoon helemaal van muziek was afgedreven, die heeft sindsdien ook nooit meer een bas aangeraakt. Het was ook steeds meer mijn muziek geworden, we waren van een kwartet naar een trio gegaan en we waren al een aantal keer van drummer gewisseld. Eén van die drummers was Bertus Blaauw , de drummer van Cooper (en nu boeker bij MOJO). Die woonde gewoon in Sneek en was daar programmeur bij het Het Bolwerk . Hij kreeg toen de baan als programmeur van het Paard aangeboden. De is dus naar Den Haag verhuisd en toen hadden wij dus geen drummer meer! "

 

"Daarna zat ik te tobben: met wie wil ik nou echt een band oprichten? De enige die ik me kon bedenken wat Bertus. Dus heb ik gezegd tegen Bertus: "kom laten we een bandje beginnen," en hij zegt “Hoe ga je dat doen dan?’ Nou ik heb een OV Jaarkaart, ik reis gratis met de trein."
 
"De eerste twee jaar van Cooper heb ik elke zondag om negen uur s’ochtends de trein gepakt en dan was ik hier om 12:00 uur en dan oefenden we beneden onder de SEVEN, daar was een kelder. Of wacht. Nee het was deze! Hier oefenden wij, in het Paard. Dan speelden we tot zes uur en dan pakte ik de trein en was ik om 22.00 uur thuis. Dat deed ik elke zondag, twee jaar lang, tot en met de eerste plaat van Cooper." 

“Mijn ouders dachten dus: “mijn reet”,,

 

"Ik kwam er wel toen achter dat Den Haag, in ‘92, niet best was. Ik kan me herinneren dat ik werd opgehaald door Bertus van Holland Spoor en we over de Stationsweg hier naar toe reden. Toen dacht ik wel van waar the fuck ben ik in beland. Dit is de fucking Bronx. Alles was dichtgetimmerd. In die periode kwam ik er ook heel erg achter dat Hagenaars en Leeuwarden heel erg op elkaar leken. Toentertijd. Ik merkte toch wel aan de mentaliteit dat die wel heel erg overeenkomt met die van Leeuwarden. Dan moet je denken aan: Den Haag is net geen Rotterdam en zeker geen Amsterdam, Leeuwarden precies zo, die had de grote broer Groningen." 

 

"In het begin waren we als Cooper een Friese band, zo werden we ook door ons label ingezet. Kijk dat de helft dan toevallig in Den Haag woonde deed voor hen minder terzake. Maar, de Haagse scene was niet zo leuk. Nee, nee, nee. Toen was het zo dat als jij als band iets bereikte, dan bereikte je dat niet omdat je een goede band was of omdat je hard werkte. Nee, je bereikte dat door iets anders. Omdat je mensen kende. “Tuurlijk spelen jullie veel want bertus is de programmeur van het Paard!” Altijd gezeik Nu is het totaal anders. Ik heb nog nooit zoiets horen zeggen over Taymir godzijdank om maar wat te noemen."

 

"Rond die tijd ontmoette ik Didi, mijn vrouw. Zij was DJ in het Paard en ik  heb haar in het Paard ontmoet. Wij waren onze eerste demo aan het opnemen, en toen kwamen Didi en Pip kwamen kijken. Toen kregen we dus wat. Daarna werd het heel snel weekenden hier blijven en dan nam ik in plaats van zondagavond op maandagochtend om 5 uur de trein en was ik om 9 uur in Leeuwarden op college. "

 

"Na een tijd was ik klaar met het reizen en ben ik verhuisd. Toen werd Didi dus zwanger en kon ze niet meer werken en ze zochten iemand die haar baan kon overnemen en toen zei ik: dat kan ik wel! Dat was bij Rough Trade, want ik werkte toen al bij het paard als stagemanager. Daar was ik ingerold via Pip, want Didi zei “hij kan dat wel”. Op die manier ben ik hier stagemanager geworden. Toen mijn dochter Eva geboren was, hebben Didi en ik de baan gedeeld. Zij drie dagen ik twee dagen. Hoefden we geen kinderopvang te regelen!  Daarna ben ik bij Velvet gaan werken in Leiden, dat was ook van Rough Trade."


"Toen kwam in 97’ Junkie XL , ik was gevraagd door Tom Holkenborg. Die heeft namelijk de eerste twee platen van Cooper geproduceerd. Hij kwam uit Leeuwarden, geboren in Lichtenvoorde. Daar zat hij ook in bands. Hij kon erg goed opnemen. We tourde met hem samen (met zijn bandje Nerve ) en het was denk ik in Bergen op Zoom waar hij mij vertelde over een nieuw project dat hij had. En ik zei, je weet wat ik kan op gitaar dus als je nog eens iemand zoekt of nodig hebt. Een jaar later belde hij op. Wil je nog steeds? “Ja best.” En toen hoorde ik weer heel lang niets. Toen moest ik volgens mij via Bertus horen: “ (van Urban Dance Squad) doet ook mee!" 

 

"Hij had die plaat al af. We zijn in 97’ ergens gaan oefenen en daarna gaan touren. Dat was pas echt heftig. Dan denk je kikkuh, een Nightliner , nou zo’n ding wordt ook kleiner hoor na een tijdje.

"Het was wel echt te gek. Niet de aanjager van die band. Dat is lekker! Ik was tot aan Junkie XL bij elk optreden dat ik moest doen bloednerveus. Ik kan mij herinneren Lowlands met Cooper, ik wou gewoon naar huis. Maar bij Junkie Xl had ik daar geen last van. Waarom niet? Ik had geen enkele druk. Er waren nummers waarbij ik een akkoord speelde en de rest van het nummer was ik alleen maar over dat podium heen aan het rennen. Dat gevoel heb ik toch meegenomen naar Cooper nadat ik met junkie XL klaar was. "

 

"Dit alles heb ik ook alleen maar kunnen doen omdat Didi én een goede baan had én omdat ze het voor elkaar kreeg om Eva gewoon erbij te hebben. Dat was heftiger voor Didi dan voor mij, ik had het wel naar mijn zin." 

 

"Op een gegeven moment was Junkie Xl klaar en toen kwam ik terug en hoorde ik van Didi dat Majel bij Metropolis in Rotterdam (waar zij toen programmeur was) iemand zocht voor pre-productie. En toen zei ik, dat kan ik wel! Dus ik heb Majel Blonden gebeld en gezegd “anders  doe ik dat!” Ja is goed zei ze. Daar is mijn productiewerk begonnen, dat was mijn eerste grote klus. Dit is typisch een vak om in te rollen ja. Platenzaak, productie klussen, Cooper, prima leven." 

 

"Waar het eigenlijk op neerkomt is dat je op de juiste momenten zegt: “ja, dat kan ik”. Je moet ook op de juiste momenten je vinger naar beneden houden. Maar als je denkt, nou volgens mij kan ik dat wel… dan moet je dat gewoon doen. Dan gebeurt dat, ja dus platenzaak, klussen, North Sea Jazz, Crossing Border kwamen erbij. Want dit was natuurlijk ook de tijd dat het Paard dicht was he. Het zwarte gat. Je ontwikkelt een netwerk zonder dat je het in de gaten hebt. Ik heb overal met twee benen in gestaan. Muziek en productie. "

 

“Ja, dat kan ik! ,,

NU

 

"Dus toen het Paard weer open ging, heb ik hier bij de opening van het gebouw gesolliciteerd als hoofd productie, niet geworden maar twee maanden later werd ik er alsnog bij gehaald omdat het teveel werk was voor één iemand. Toen kwam ik hier dus ook een paar dagen. Dat was wel op freelance basis. Toen ging ik hier wat productie doen, voorbereiding enzo. Uiteindelijk werd dat Verhuur. Ik heb dat hier zes jaar gedaan, altijd hele belachelijke dingen, en dat vind ik leuk, hoe debieler hoe beter. Toen heb ik twee jaar geleden ging zowel Hoofd productie als techniek weg, en toen heb ik wederom gesolliciteerd en ben ik het geworden." 

 

"Oja, ik ben rond 2005 ook nog hoofdredacteur van UP magazine geweest. Dat was een blad voor de wat hardere muziek. Uit het Zuiden. Daar heb ik eerst voor geschreven en later werd ik hoofdredacteur. In die hoedanigheid heb ik een keer geïnterviewd. Wij konden daarna goed met elkaar opschieten. En niet lang daarna stonden we weer een keer in het Paardcafé, bier te slempen en het ging over mijn werk en ik zei “tourmanagement, je weet dat ik dat ook zou kunnen.” Een half jaar later belt hij me op. "Staat je aanbod nog steeds?" Sindsdien ben ik tourmanager van Di-rect. Je rolt erin."


"Paard is het vijfde poppodium van Nederland. Heeft in 2017 200 duizend bezoekers gehaald. iets wat eigenlijk een ambitie was voor het jaar erop. Als je dat vergelijkt met twintig jaar geleden moesten mensen veel harder werken om de grote acts binnen te krijgen. En die krijgen we nu echt binnen. Dat heeft zich mooi ontwikkeld en dat gaat zich nog meer ontwikkelen. Dat is iets waar je met zijn allen mee bezig bent. "

“Het kan nog harder. Kan nog harder? Ja, kan nog harder! ,,

STRAKS

 


"Ik ben bang dat ik over vijf jaar nog wel bij het Paard zit. Tourmanager van Direct? Zou zo maar kunnen. Kijk, ik werk twintig jaar bij het Paard en maak wel gemiddeld zestig uur per week. Ik werk gewoon heel veel, je weet gewoon niet hoe lang ik dat vol houd. Omdat ik me ook niet bezig hou met mijn carrière ben ik ook niet bezig met wat ik doe of niet. Cooper bestaat dan nog wel gezien de historische context natuurlijk. Zolang wij niet stoppen. Het is klaar als het klaar is, dat klinkt misschien een beetje Cruyffiaans. Maar als er liedjes uitkomen, of geen liedjes, die niet goed genoeg zijn. Je moet altijd je eigen criticaster zijn. Je hardste. Je weet altijd als iets beter had gekund, iedereen weet dat. "

 
Copied!